Les 1 – De sluitsteen

Inleidend hoofdstuk

(dit hoofdstuk zal herwerkt en uitgebreid worden)

1 – Wat is een eerste druk van het Boek van Mormon nu waard?
2 – De getuigen: alle elf onkreukbaar en vasthoudend
3 – Wat ondersteunt de authenticiteit van het Boek van Mormon het beste?
4 – Sluitsteen

1 – Wat is een eerste druk van het Boek van Mormon nu waard?

1st ed BoMVoor de eerste uitgave van het Boek van Mormon in 1830 werden 5 000 exemplaren gedrukt. Die werden aan de prijs van anderhalve dollar verkocht. Van die 5 000 exemplaren bestaan er naar schatting nog 500 in musea en in privé-verzamelingen – en mogelijk nog ergens in een kist op zolder of in een rommelwinkel, zonder dat de eigenaar de waarde ervan beseft.

Hoeveel moet een verzamelaar nu op een veiling bieden voor een exemplaar van de eerste editie?

Rond de 100 000 dollar, maar sommige exemplaren, als ze nog in goede staat zijn en de handtekening van Joseph Smith of van een vroege kerkleider dragen, kunnen tot het dubbele gaan. Die zijn wel uiterst zeldzaam. Eerste edities worden meestal enkel aangeboden op topveilingen zoals bij Sotheby’s of Christie’s.

In de conferentie van oktober 2007 merkte President Hinckley op: “Onlangs werd een eerste editie van het Boek van Mormon voor 105 000 dollar verkocht – maar de huidige goedkope uitgave van het boek is qua inhoud even kostbaar voor de lezer.”

2 – De getuigen: alle elf onkreukbaar en vasthoudend

Elf personen getuigen dat zij de platen gezien en aangeraakt hebben. Geschiedkundig onderzoek heeft van elk de levensloop en het karakter onderzocht. [1] Zij waren stuk voor stuk onkreukbare personen die nooit op een leugen betrapt werden en die tot de dood aan hun getuigenis vasthielden. Sommigen hebben niet altijd de kerk en de profeet trouw gevolgd, maar geen een heeft ooit ontkend de platen gezien en aangeraakt te hebben.

3 – Wat ondersteunt de authenticiteit van het Boek van Mormon het beste?

Voor de gelovige, ongetwijfeld een geestelijk “getuigenis”. Maar, net zoals voor de Bijbel, versterken ook historische en tekstuele gegevens het authentiek karakter van schriftuur.

Nephieten en Lamanieten: allicht een kleinere bevolking dan vroeger gedacht

Vroeger ging veel aandacht naar de beschavingen van het Oude Amerika als bewijs van het bestaan van de volkeren in het Boek van Mormon. Men ging er toen van uit dat alle Indianen afstammelingen waren van de Lamanieten. Het Boek van Mormon beweert dit echter nergens. Vooral in de eerste helft van de twintigste eeuw leefde bij sommige kerkleden het idee dat men bewijzen voor de authenticiteit van het Boek van Mormon bij oude beschavingen zoals Azteken of Inca’s zou vinden. Talrijke onderzoekingen leverden wel pre-columbiaanse sporen van christelijke gebruiken en legendes op, maar niets dat een direct verband met het Boek van Mormon kon aantonen.

Zo groeide het besef dat Nephieten en Lamanieten eerder kleine bevolkingsgroepen waren die in een beperkt gebied leefden en weinig sporen hadden achtergelaten. Beschavingen zoals Azteken en Inca’s verschenen ook pas een kleine duizend jaar na het verdwijnen van de Nephitische identiteit. Tegelijk werd het ook steeds duidelijker, uit antropologisch en meer recentelijk uit DNA-onderzoek, dat indianen meervoudige en complexe origines hebben. Het Amerikaanse continent is ook enorm groot en de inheemse bevolkingen tellen uiteenlopende genetische types. De Nephieten en Lamanieten (de belangrijkste groepen die het Boek van Mormon beschrijft) waren dus allicht kleinere bevolkingsgroepen die ook nog door tal van interne oorlogen uitgedund werden. [2]

De Nephitische geschiedschrijving gebeurde echter wel zoals in de Bijbel, namelijk vanuit een groots perspectief als Godsvolk, met een sterke retoriek die naar indrukwekkende gebeurtenissen en getallen verwijst. Zo is het ook in de Bijbel: in feite waren de Israëlieten altijd een vrij kleine bevolkingsgroep, maar hun profetische teksten en historische verslagen weerspiegelden het perspectief van hun uitverkoren plaats in de geschiedenis.

In de Inleiding tot het Boek van Mormon werd daarom ook de uitleg gewijzigd die men over de Indianen gaf. De inleiding tot de Nederlandse editie van 2004 omvat nog de zin:

“Na duizenden jaren werden al deze volken vernietigd, met uitzondering van de Lamanieten, die de voornaamste voorouders van de indianen zijn.”

In de huidige Engelse tekst luidt dit nu:

“After thousands of years, all were destroyed except the Lamanites, and they are among the ancestors of the American Indians.”

De nieuwe Nederlandse editie (2017) wijzigde het in: “… de Lamanieten, die tot de voorouders van de indianen behoren.” Dit is geen nauwkeurige vertaling van “they are among”, wat expliciet ook andere volkeren als voorouders aanduidt.

Sterke steun vanuit de tekstuele kenmerken

Sinds de jaren 1960 gaat de wetenschappelijke aandacht veel meer naar de unieke kenmerken van de inhoud en het taalgebruik van het Boek van Mormon. Die kenmerken, waarvan vele nog onbekend waren in 1830, verwijzen naar oude origines. Onder meer:

A – De Hebraïsche stijlfiguren in het Boek van Mormon.

Een van de bekendste stijlfiguren is het chiasme. Daar komen we in volgende lessen regelmatig op terug als we het Boek van Mormon verkennen.

B – De stijlverschillen tussen de verschillende boeken die het Boek van Mormon uitmaken.

Een auteur kan thans door zijn eigen “woordafdruk” worden herkend , precies zoals een vingerafdruk iemand identificeert. Elke schrijver gebruikt immers bepaalde woorden en zinstructuren meer dan andere. Dit “stylometrisch” onderzoek van het Boek van Mormon toont aan dat de verschillende onderdelen van het Boek van Mormon niet door één persoon, zoals Joseph Smith of een ander tijdgenoot, geschreven werden. Het gaat om verschillende auteurs met erg uiteenlopende stijlen. Zelfs aan de oppervlakte is dit merkbaar als men bijvoorbeeld de eerder primaire vertelstijl van 1 Nephi vergelijkt met de rijke schrijfstijl in de geschriften van Alma.

C – Namen in het Boek van Mormon

  • Van de 337 eigennamen in het Boek van Mormon zijn er 188 uniek aan het Boek van Mormon. Hoewel we niet met zekerheid weten hoe die unieke namen werden uitgesproken, vertonen ze coherente fonologische wetmatigheden. Zo is er geen een die met /b/, /d/ of /u/ begint, en geen een die een /v/ of een /w/ inhoudt. [3]
  • Veel van die namen blijken na onderzoek verwant te zijn met oud-Egyptische namen, zoals Helaman, Himni, Korihor, Paanchi, Pahoran, Pacumeni, en meer. Volgens het Boek van Mormon was “de taal van de Egyptenaren” deel van de Nephitische cultuur.
  • De naam Mosiah komt nergens voor in de Bijbel, maar toch is moshia’ een oud Hebreeuws woord dat “kampioen van rechtvaardigheid en bevrijding” betekent, wat precies overeenstemt met de persoonlijkheid van koning Mosiah. [4]
  • Vroeger spotten critici al eens met de naam Alma, omdat het een vrouwelijke Latijnse naam is. Maar in 1961 ontdekte professsor Yadin in een berggrot in de Sinaï een oude Hebreeuwse tekstrol met de naam Alma ben Yehuda, een zeldzame maar bestaande mannelijke semitische persoonsnaam in het Nabije Oosten. [5]

(“Nabije Oosten” is de term die vooral archeologen, geografen en historici gebruiken voor het gebied dat Egypte, Turkije, Palestina, Israël, Syrië, Jordanië, Libanon en Irak omvat. In de politieke en economische context van het heden spreekt men eerder van het “Midden-Oosten”.)

D – Gebruiken, gebeurtenissen en rituelen uit oude culturen van het Nabije Oosten, die Joseph Smith niet kende, komen in het Boek van Mormon voor. Enkele voorbeelden:

  • In Alma 11 legt Alma het geld- en wisselsysteem van de Nephieten uit, waarbij hij zegt dat het niet overeenstemt met het monetair systeem van de joden in Jeruzalem; dat klopt, maar onderzoek toont aan dat het systeem de mathematische principes volgt van andere oude culturen in het Nabije Oosten. [6]
  • Na de terechtstelling van Zemnarihah (3 Ne. 4:28), wordt de boom waaraan hij werd opgehangen ritueel geveld, precies zoals een oude joodse wet vereiste. [7]
  • De eed van trouw die Nephitische soldaten zweren (Alma 46:21–22) is nagenoeg identiek met de militaire eden in oude israëlitische en Hittitische culturen. [8]
  • In Alma 30:49 wordt Korihor met stomheid geslagen. Dit type voorval vindt men ook in oude bronnen. [9]

Zo zijn er honderden vondsten die de inhoudelijke en tekstuele rijkdom van het Boek van Mormon onthullen.

4 – Sluitsteen

Een sluitsteen heeft de kracht van alle andere stenen nodig.

SluitsteenEen boog opgebouwd met stenen stort niet ineen dankzij de sluitsteen: door zijn vorm kan hij niet naar beneden glijden, omdat hij geklemd zit tussen de stenen links en rechts. Maar dat principe geldt voor elke andere steen in de boog: de ene klemt de andere vast.

Hoe wordt zo’n boog gebouwd?

Eerst wordt een staketsel in hout of met andere stenen gebouwd. Daarop worden de gewelfstenen en de sluitsteen gelegd. Vervolgens, als de boog goed aansluit, wordt het staketsel afgebroken.

BoogWanneer werden de eerste bogen met sluitstenen gebouwd?

Ongeveer tweeduizend jaar voor Christus in Mesopotamië, de streek tussen de rivieren Tigris en Eufraat (van het Grieks Meso-potamia = tussen de rivieren), thans grotendeels Irak en Syrië. Het was de streek van machtige rijken, beschouwd als de basis van de menselijke beschaving: het Akkadische rijk, het Babylonische en het Assyrische.

Waartoe dienden de bogen?

Vooreerst voor poorten in de stadswallen. Vervolgens voor zalen in tempels en paleizen en voor triomfbogen. Later ook voor bruggen over rivieren.

Voetnoten

[1]     Richard Lloyd Anderson, Investigating the Book of Mormon Witnesses (Salt Lake City: Deseret Book, 1981); Milton V. Backman Jr., Eyewitness Accounts of the Restoration (Salt Lake City: Deseret Book, 1986).

[2]     Matthew Roper, “Limited Geography and the Book of Mormon: Historical antecedents and Early Interpretations,” The FARMS Review 16, no. 2 (2004): 225–275; Matthew Roper, “Nephi’s neighbors: Book of Mormon Peoples and Pre-Columbian Populations,” The FARMS Review 15, no. 2 (2003): 91-128; James E. Smith, “Nephi’s Descendants? Historical Demography and the Book of Mormon,” The FARMS Review 6, no. 1 (1994): 255–296

[3]     Paul Y. Hoskisson, “An Introduction to the Relevance of and a Methodology for a Study of the Proper Names of the Book of Mormon,” In By Study and Also by Faith, ed. J. Lundquist and S. Ricks, Vol. 2, pp. 126-35 (Salt Lake City: Deseret Book and Farms, 1990).

[4]     John Sawyer, “What Was a Môsiac?” in Vetus Testamentum 15 (1965): 475–86.

[5]     Paul Y. Hoskisson, “What’s in a Name? Alma as a Hebrew Name,” Journal of Book of Mormon Studies (spring 1998), 72–73. Hugh W. Nibley, “Review of Bar-Kochba, by Yigael Yadin,” BYU Studies 14, n° 1 (1973): 121.

[6]     John W. Welch, “Weighing and Measuring in the Worlds of the Book of Mormon.” Journal of the Book of Mormon and Other Restoration Scripture 8, no. 2 (1999): 36–45.

[7]     John W. Welch, ed., Reexploring the Book of Mormon (Salt Lake City: Deseret Book and FARMS, 1992), 250–52.

[8]     Terrence L. Szink, “An Oath of Allegiance in the Book of Mormon,” in Warfare in the Book of Mormon (Salt Lake City: Deseret Book and FARMS), 35–45;

[9]     John W. Welch, “Cursing a Litigant with Speechlessness.” Insights 18/10 {1998): 2.